Gisteren had ik een webquest geclickt over ‘Forensische Chemie’. Inmiddels heb ik een reactie gekregen van een thuisonderwijzende ouder die het leuk vind om webquests te gebruiken.
Voor de mensen die het fenomeen webquest (Nederlands: webkwestie) niet kennen: Het is een opdracht die je doet met behulp van internetbronnen. De opdracht kan van alles zijn: over Forensische Chemie, Columbus of een Electrisch alarm. Het is de bedoeling dat je aan de hand van één gerichte opdracht, of een aantal gerichte vragen op onderzoek uit gaat.
Een webquest mag een webquest heten als het tenminste de volgende onderdelen heeft: een inleiding, een opdracht, de verwerking (van de opdracht), infobronnen, beoordeling, afsluiting en een pagina voor de leerkracht. Deze opbouw zie je dan ook in de meeste webquests terug.
In het Nederlands heet een webquest dus webkwestie en je vindt ruim 400 webkwesties (alleen voor het basisonderwijs!) op de Webkwestie pagina’s. Hier kun je zoeken op een specifiek vakgebied, bijvoorbeeld Aardrijkskunde of Geschiedenis en op schoolsoort, bijvoorbeeld basisonderwijs of voortgezet onderwijs. Het is mogelijk dat er ‘dead links’ in webkwesties staan. Hoe Webkwestie hier mee omgaat lees je op de pagina met algemene informatie.
Het voordeel van een webkwestie is, dat je het zo uitgebreid kunt maken als je zelf wilt. Je kunt het aantal internetbronnen uitbreiden, infobronnen waar nodig aanvullen met videomateriaal en boeken gaan lenen bij de bibliotheek. Maar je kunt de webkwesties ook gebruiken om met een onderwerp kennis te maken en als het niets voor je is, kun je het laten rusten.
De webkwesties die je hier vindt zijn gemaakt door Nederlandse leerkrachten. Er zitten webkwesties bij van een goede kwaliteit, maar je zult er ook kwalitatief mindere webkwesties tussen vinden. Daarom zou ik het heel leuk vinden als je het met ons deelt als je een goede hebt gevonden.
Reacties